Hoe zeg je een huurcontract op?

Een opzegging moet aan geen enkele vormvereiste voldoen. Zorg er wel voor dat je achteraf kan bewijzen dat je de opzegging hebt gedaan.

Een opzegging gaat in op de eerste dag van de maand die volgt op de maand waarin je opzegt. Bijvoorbeeld: je verzendt je opzegbrief op 20 januari, dan begint de opzegtermijn te lopen op 1 februari.

Soms moet je wel een opzegtermijn respecteren en een opzegvergoeding betalen.

Heb je een huurcontract van negen jaar, of een kortlopend huurcontract sinds 1 januari 2019, kijk dan eerst na of het geregistreerd is bij een registratiekantoor.

Niet geregistreerd?

Dan kan je steeds opzeggen zonder opzegtermijn en opzegvergoeding

Wel geregistreerd?

Dan kan je het huurcontract altijd opzeggen met een opzegtermijn van 3 maanden.

  • Zeg je een negenjarig huurcontract op waardoor het eindigt tijdens het eerste, tweede of derde jaar van de negenjarige periode? Dan heeft de verhuurder recht op een opzegvergoeding die drie, twee of één maand huur bedraagt.
  • Zeg je een kortlopend huurcontract op dat gesloten is sinds 1 januari 2019? Dan betaal je een opzegvergoeding die anderhalve, één of een halve maand bedraagt naargelang het contract daardoor eindigt in het eerste, tweede of derde jaar.

Een huurcontract van korte duur dat afgesloten is vóór 1 januari 2019 kan je niet zomaar opzeggen. Lees na in je huurcontract of daar iets over in staat.

Wil je toch de huur beëindigen? Overleg dan met de verhuurder of neem contact met je Huurdersbond.